Het belang van bomen bij hitte en droogte

De klimaatverandering wordt voor ons allemaal steeds meer zichtbaar en voelbaar. Ook in België hebben we vaker te maken met (extreem) warme zomers of aanhoudende droogte. Kijk maar naar de afgelopen periode. Bomen kunnen een belangrijke oplossing zijn in de strijd tegen hitte en droogte. Ze zorgen voor verkoeling en gaan droogte tegen.

Bomen bieden enorm veel voordelen. Ze nemen CO2 op, zijn het leefgebied van allerlei planten en dieren en zorgen voor zuurstof, schone lucht, water en voedsel. Op warme dagen is er dankzij bomen ook nog eens een stuk meer verkoeling. Een boom is de meest duurzame airco die er bestaat.

Hoe bomen voor verkoeling zorgen

1. Bomen zorgen voor schaduw

Bomen creëren schaduw. Hoe groter het bladerdek, hoe meer zonnestralen een boom tegenhoudt. Dat is heerlijk als je op zoek bent naar wat koelte op hete dagen! Bovendien zorgt de schaduw ervoor dat de grond minder snel uitdroogt.

2. Verdamping door bomen

Bomen verdampen water via de huidmondjes van hun bladeren. Daarvoor gebruiken ze overdag de energie van de zon. Dankzij de verdamping koelt het bladoppervlak af, waardoor de langsstromende lucht en de omgeving ook afkoelen.

Daardoor kan het in dichtbebouwd gebied in een straat met bomen al gauw zo’n 5 tot 10 graden koeler zijn dan in een straat zonder bomen. Sterker nog: uit onderzoek in Nederland (Wageningen University & Research) blijkt dat een grote boom in de stad op een zonnige dag hetzelfde koelvermogen heeft als tien airco’s! Het precieze koelvermogen hangt wel af van de grootte van de boom, de soort boom en de plantlocatie.

Hoe bomen droogte tegengaan

De wortels van bomen reiken tot diep in de grond. Bij een flinke regenbui kunnen bomen het water met hun wortels opnemen en dit vasthouden. Hierdoor warmt een beplante bodem minder snel op dan een verharde bodem. Bovendien zorgen bomen ervoor dat regenwater niet in één keer via de straten wegspoelt naar het riool.

Nog een voordeel: na een regenbui druppelt een boom nog een tijdje na. Via de bladeren, takken en wortels komt dit water geleidelijk in de grond terecht. Op deze manier houden bomen de grond goed vochtig. Daar profiteren allerlei planten en bodemdieren van, zoals wormen, duizendpoten, miljoenpoten en kevers.

Wateropslag dankzij bomen

Bomen kunnen er ook voor zorgen dat het grondwaterpeil stijgt. Via hun wortels voeren ze regenwater af dat vervolgens dieper in de bodem zakt. De bodem kan dit water opslaan, afgeven aan de boomwortels of laten doorsijpelen naar het diepere grondwater. En dat grondwater is een belangrijke, schone watervoorraad voor ons drinkwater.

Om het grondwater aan te vullen, is het belangrijk dat regenwater op het juiste tempo doorsijpelt. Dankzij bomen infiltreert het water langzaam in de grond. Zo kan het grondwaterpeil op een natuurlijke manier herstellen. En dat zorgt er weer voor dat poelen en vennen hun water goed vasthouden en niet te snel uitdrogen.

Naar top