Subsidiereglement jeugdverenigingen

1. Doel

Het gemeentebestuur gelooft in de waarde van een bloeiend verenigingsleven. Mensen ontmoeten elkaar rond gezamenlijke interesses of organiseren samen allerlei activiteiten. Ze nemen spontaan initiatief, tonen engagement en dragen zorg voor leden, vrienden en activiteiten. Het gemeentebestuur wil verenigingen stimuleren om deze belangrijke maatschappelijke rol ten volle op te nemen en hen uitdagen om mee te werken aan de doelstellingen van het gemeentelijk meerjarenplan.

2. Begripsbepaling

Ondersteuning: een financiële steun in de vorm van een subsidie aan Pelter verenigingen.

Vereniging: een organisatie met leden die een gemeenschappelijk doel nastreven.

Lid van een vereniging: een natuurlijk persoon die op de ledenlijst staat tenzij anders bepaald in de sectorale omschrijving.

Criterium: een aspect dat een onderscheid maakt, een bepaalde eigenschap die kwalitatief en/of kwantitatief wordt beschreven en waaraan een vraag kan worden getoetst of gewogen.

Kwantitatief: een eigenschap die peilt naar bepaalde aantallen bijv. leden, aantal activiteiten, aantal aanwezigheden,...

Kwalitatief: eigenschap die zoekt naar bepaalde kwaliteiten, vaak minder telbaar zoals niveau van begeleiding, variatie in aanbod,...

Referteperiode: de periode van 1 jaar die in aanmerking wordt genomen voor de beoordeling van de criteria voor berekening van de subsidies. Deze kan per sector verschillen op het vlak van begin- en einddatum.

3. Basisvoorwaarden

Om als een Pelter vereniging beschouwd te worden, dient men gelijktijdig aan de volgende voorwaarden te voldoen:

  1. Haar maatschappelijke zetel bevindt zich in Pelt en/of meer dan 50% van de activiteiten vindt in Pelt plaats en/of meer dan 50% van de leden wonen in Pelt. Er moet minstens aan twee van deze drie criteria voldaan zijn.
  2. Een autonoom bestuur hebben met minstens 3 personen.
  3. Minimum 5 leden hebben tijdens de referteperiode.
  4. Een reguliere werking kunnen aantonen aan de hand van een activiteitenverslag.
  5. Een verzekering burgerlijke aansprakelijkheid hebben voor de vereniging en een verzekering lichamelijke ongevallen voor de leden. Verenigingen die een eigen lokaal beheren, hebben daarvoor een brandverzekering.

Om als Pelter vereniging gesubsidieerd te worden moet men:

  1. Voldoen aan de voorwaarden om als Pelter vereniging beschouwd te worden.
  2. Over een bankrekeningnummer beschikken op naam van de vereniging.
  3. Op elke externe communicatie, het authentieke gemeentelogo en de vermelding ‘Met steun van de gemeente Pelt’ opnemen.
  4. Desgevallend het authentieke gemeentelogo van de gemeente Pelt op een duidelijk zichtbare plaats aanbrengen op de kledij (uniform, sportuitrusting, spelkleding, …) zodra de gemeente hierover een voorstel uitwerkt.
  5. De Nederlandse taal als voertaal binnen haar communicatie en werking gebruiken.
  6. Aan al haar financiële verplichtingen ten aanzien van de gemeente voldaan hebben op het ogenblik van het indienen van het dossier.
  7. Alle activiteiten open voor groot publiek publiceren in de UiTkalender.
  8. De principes en de regels van de democratie en van het Europees verdrag van de rechten van de mens onderschrijven en toepassen in hun werking
  9. Voldoen aan eventuele bijkomende sectorale voorwaarden.

Komen niet in aanmerking voor het bekomen van subsidies op basis van dit reglement:

  1. Serviceclubs
  2. Politieke partijen en hun jongerenbewegingen. Als politieke partij wordt beschouwd de vereniging van natuurlijke personen, al dan niet met rechtspersoonlijkheid die deelneemt aan de verkiezingen die door de Grondwet, de wet en het decreet zijn bepaald.
  3. Verenigingen met als doel het verspreiden van een levensbeschouwelijke boodschap die zowel religieus als niet-religieus kan zijn.

4. Sectorale voorwaarden

Cultuurverenigingen: Verenigingen die een werking ontplooien in groepsverband gericht op gemeenschapsvorming, cultuurparticipatie, maatschappelijke activering of educatie rond socio-culturele, hobby en vrije tijdsinitiatieven en kunst.

Gezinsverenigingen: Verenigingen die streven naar een kind- en gezinsvriendelijke samenleving.

Jeugdverenigingen: Verenigingen voor en door kinderen en jongeren van 3 tot en met 30 jaar, in de vrije tijd, onder educatieve begeleiding en ter bevordering van de algemene en integrale ontwikkeling van de kinderen en jongeren die vrijwillig deelnemen.

Milieu- en natuur: Verenigingen die het groen-, natuur-, milieu- en klimaatbewustzijn stimuleren.

Seniorenverenigingen: Verenigingen met als primaire doelstelling het organiseren van activiteiten voor senioren. Deze activiteiten bevorderen de ontmoeting tussen senioren. De activiteiten kunnen ontspannend, cultureel, educatief of sportief van aard zijn. De vereniging heeft met haar werking een gemeenschapsvormende functie.

Sinterklaascomités: Verenigingen die met vrijwilligers instaan voor de ontvangst van Sinterklaas in de gemeente of in een Pelter dorp. Verenigingen die samen met andere lokale initiatieven in de gemeente of in een Pelter dorp het sinterklaasfeest vorm geven.

Sportverenigingen: Verenigingen met als hoofddoelstelling het beoefenen van sport en het organiseren van activiteiten met een competitief of recreatief karakter, individueel of in groepsverband en waarbij de fysieke inspanning van mens of dier centraal staat.

Welzijnsverenigingen: Verenigingen die het lichamelijk, geestelijk en maatschappelijk welbevinden van de Pelter bevolking bevorderen. Verenigingen die de levensomstandigheden van kwetsbare Pelter inwoners als primaire doelstelling hebben. Hun activiteiten stimuleren de actieve participatie van burgers.

Het college van burgemeester en schepenen oordeelt op basis van de aanvraag tot welke sector de vereniging behoort. In het kader van dit subsidiereglement kan een vereniging slechts tot één sector behoren.

5. Bedrag subsidie

De subsidie wordt toegekend binnen de perken van het daartoe voorziene budget in het gemeentelijk meerjarenplan. De werkingssubsidie wordt berekend op basis van sectorale criteria. 

6. Aanvraagprocedure

De subsidie kan enkel aangevraagd worden door het daartoe voorziene aanvraagformulier in te vullen en in te dienen. Het aanvraagformulier is online beschikbaar via de website van de gemeente Pelt. De aanvraag moet vóór 1 oktober ingediend worden. De subsidieaanvraag handelt over de activiteiten van het voorgaande werkjaar. De aanvrager van de subsidie is verantwoordelijk voor de ingevulde gegevens op het aanvraagformulier. Het aanvraagformulier dient ingevuld te worden door de personen die gemachtigd zijn de vereniging te verbinden. De verantwoordelijkheid daarvoor ligt uitsluitend bij de vereniging zelf. De gemeente is niet gehouden deze machtiging te controleren. Bij niet of het onvolledig indienen van het dossier worden de verenigingen die binnen dit reglement het voorafgaande jaar subsidies ontvingen, door de gemeente, per email, uiterlijk op 10 oktober verwittigd. Vanaf deze verwittiging heeft de vereniging 10 kalenderdagen om alsnog het dossier in te dienen of te vervolledigen.

7. Toekenningsvoorwaarden

De subsidie wordt berekend op basis van de gegevens over de werking van het volledige werkingsjaar waarvoor de subsidie wordt ingediend (is sectorafhankelijk). De subsidie wordt in het kalenderjaar uitbetaald waarin de aanvraag wordt ingediend.

 8. Specifieke sectorale voorwaarden jeugdverenigingen

Doel

De gemeente Pelt zet sterk in op een jeugdbeleid. Dit komt tot uiting via verschillende doelstellingen en acties in het meerjarenplan. Als lokaal bestuur willen we de jeugdverenigingen betrekken bij het beleid en financieel een ondersteuning bieden in de vorm van een subsidie.

Begripsbepaling

Jeugd: we gebruiken de term ‘jeugd’ voor de doelgroep van kinderen en jongeren van 3 tot en met 30 jaar.

Jeugdvereniging: verenigingen die met vrijwillige jeugdleid(st)ers op regelmatige basis activiteiten voor kinderen en jongeren organiseren waarbij de nadruk zowel ligt op ontspanning en ontmoeting als op het aanleren van sociale vaardigheden en verantwoordelijkheidsgevoel

Leeftijdsgroep: in een jeugdvereniging kan gewerkt worden in verschillende leeftijdsgroepen. De activiteiten worden hoofdzakelijk per leeftijdsgroep georganiseerd.

Kamp: is een meerdaagse activiteit van een jeugdvereniging voor kinderen en jongeren op verplaatsing met minimaal 5 overnachtingen en maximum 10 overnachtingen.

Volwassen begeleid(st)er: een volwassen begeleid(st)er of VB is een vertrouwensfiguur voor de begeleidingsploeg, ouders en leden. Een VB kan een bemiddelende rol hebben zowel intern binnen de begeleidingsploeg als naar ouders en buitenstaanders. Een VB kan feedback geven over de werking en kan impulsen geven om bepaalde zaken te verbeteren. Een VB wordt geregistreerd in de ledenadministratie.

Ouderparticipatie: met ouderparticipatie wordt bedoeld het bewust betrekken van ouders bij de werking van de vereniging. Dit kan via het organiseren van een inhoudelijke samenkomst met ouders met het doel de werking voor te stellen en daarbij open te staan voor input en feedback (bv. infoavond bij begin van het werkjaar). Ook het afleggen van huisbezoeken bij de leden kan gunstig zijn voor de vertrouwensband en het contact met de ouders.

Kadervorming: We bedoelen hiermee de geattesteerde kadervorming die leidt tot een ‘attest’ van animator, hoofdanimator of instructeur in het jeugdwerk. De attesten worden erkend door de Vlaamse overheid en gelden als een bewijs dat de jongere in kwestie over bepaalde competenties beschikt. Elk traject (animator, hoofdanimator of instructeur) werkt naar bepaalde competenties. Een kadervormingstraject dat zich op het attest richt, stelt zich expliciet als doel om die competenties aan te leren en moet voldoen aan een aantal vereisten om erkend te zijn.

Gevormde leid(st)er: een leid(st)er met een attest animator, hoofdanimator of instructeur in het jeugdwerk of houder zijn van een door de Vlaamse overheid erkend diploma in een sociale of pedagogische afstudeerrichting in het hoger onderwijs.

Kookouder(s): Een kookouder is een volwassen persoon die niet als lid of leid(st)er deelneemt aan een kamp.

Sectorale voorwaarden

Deze sectorale voorwaarden handelen over ‘jeugdverenigingen’. Bijkomende voorwaarden zijn:

  • De vereniging staat open voor alle kinderen en jongeren;
  • De jeugdvereniging heeft minimaal een volledig refertejaar (1 september – 31 augustus)- werking achter de rug;
  • De jeugdvereniging wordt niet gesubsidieerd voor dezelfde activiteiten via andere gemeentelijke kanalen.

Budget

Binnen het meerjarenplan wordt jaarlijks een budget voorzien als gemeentelijke subsidie aan de

jeugdverenigingen. Voor de jeugdverenigingen wordt per jaar een bedrag voorzien dat wordt verdeeld op basis van de toekenningsvoorwaarden.

Een refertejaar van jeugdverenigingen loopt van 1 september tot 31 augustus.

Toekenningsvoorwaarden

Werkingssubsidies jeugdverenigingen

Binnen het meerjarenplan wordt jaarlijks een budget voorzien als ‘werkingssubsidie’ voor jeugdverenigingen. Dit bedrag wordt procentueel verdeeld over verschillende deelaspecten:

  • Een basisbedrag gelijk voor alle verenigingen;
  • Een bedrag op basis van het ledenaantal met een surplus voor het aantal (gevormde) begeleiding;
  • Een bedrag op basis van het aantal kampdeelnemers met een surplus voor het aantal (gevormde) begeleiding, aanwezig op kamp;
  • Een coëfficiënt als het aantal activiteiten per leeftijdsgroep hoger ligt dan 30 per werkjaar;
  • Een coëfficiënt als er een volwassen begeleider lid is van de vereniging;
  • Een coëfficiënt voor het organiseren van ouderparticipatie;
  • Een bedrag voor samenwerkingsinitiatieven tussen verenigingen en/of met de gemeente voor een ruim publiek.

Basissubsidie

15% van het beschikbare budget voor ‘werkingssubsidies’ wordt evenredig verdeeld over het aantal Pelter jeugdverenigingen. Elke jeugdvereniging krijgt zo eenzelfde basisbedrag. Dit gebeurt door het beschikbare bedrag te delen door het aantal jeugdverenigingen dat in aanmerking komt.

Aantal leden, begeleiding en gevormde begeleiding

35% van het beschikbare budget voor ‘werkingssubsidies’ wordt verdeeld op basis van volgende twee criteria:

  • het aantal leden (leiding wordt hier niet meegeteld);
  • het aantal begeleiding met een surplus voor de gevormde begeleiding.
  • Het aantal leden en begeleiding zal worden bewezen op basis van een uittreksel uit de ledenadministratie. Jeugdverenigingen scoren op basis van deze criteria punten. Het beschikbare bedrag wordt gedeeld door het totaal aantal punten dat werd gescoord over alle verenigingen heen. Dit geeft als resultaat de waarde van een punt. Vervolgens worden de punten per vereniging opnieuw vermenigvuldigd met deze waarde per punt. Dit geeft per vereniging als resultaat het subsidiebedrag op basis van het aantal leden, begeleiding en gevormde begeleiding.
Aantal leden 1 punt per lid
Aantal niet-gekwalificeerde leid(st)ers 2 punten per niet-gevormde leid(st)er
Aantal gekwalificeerde leid(st)ers 4 punten per gevormde leid(st)er

Aantal kampdeelnemers, begeleiding, gevormde begeleiding en kookouders aanwezig op kamp

20% van het beschikbare budget voor ‘werkingssubsidies’ wordt verdeeld op basis van volgende twee criteria :

  • Het aantal leden dat deelneemt aan het kamp (leiding wordt hier niet meegeteld);
  • Het aantal leiding aanwezig op het kamp met een surplus voor gevormde begeleiding.
  • Het aantal kookouders aanwezig op kamp. Er kunnen maximaal 5 punten gescoord worden (max. 5 personen).

Het aantal leden, begeleiding en kookouders op kamp wordt bewezen op basis van een uittreksel uit de kampadministratie. Jeugdverenigingen scoren op basis van deze criteria punten. Het beschikbare bedrag wordt gedeeld door het totaal aantal punten dat werd gescoord over alle verenigingen heen. Dit geeft als resultaat de waarde van een punt. Vervolgens worden de punten per vereniging

opnieuw vermenigvuldigd met deze waarde per punt. Dit geeft per vereniging als resultaat het subsidiebedrag.

Aantal leden mee op kamp 1 punt per lid
Aantal niet-gekwalificeerde leid(st)ers mee op kamp 2 punten per niet-gevormde leid(st)er
Aantal gekwalificeerde leid(st)ers mee op kamp 4 punten per gevormde leid(st)er
Aantal kookouders 1 punt per kookouder met een max. van 5

Aantal activiteiten per leeftijdsgroep

10% van het beschikbare budget voor ‘werkingssubsidies’ wordt verdeeld op basis van het aantal activiteiten. Er is een groot verschil in de eigenheid en cultuur van jeugdverenigingen. Sommige jeugdverenigingen organiseren voor elke leeftijdscategorie wekelijks activiteiten, andere doen dit met een tweewekelijks ritme en nog andere jeugdverenigingen hebben een vakantiewerking. Zonder al te veel administratie te creëren wordt een factor ingebouwd om die verenigingen met een hoog activiteitenritme extra tegemoet te komen in de werkingskosten.

Het aantal activiteiten dat per leeftijdscategorie werd georganiseerd blijkt uit een omschrijving van de werking en op basis van een verklaring op eer. De werking kan steeds worden gecontroleerd door de subsidiërende overheid. Jeugdverenigingen scoren op basis van dit criterium 1 of 2 punten. Het beschikbare bedrag wordt gedeeld door het totaal aantal punten dat werd gescoord over alle verenigingen heen. Dit geeft als resultaat de waarde van een punt. Vervolgens worden de punten per vereniging opnieuw vermenigvuldigd met deze waarde per punt. Dit geeft per vereniging als resultaat het subsidiebedrag op basis van het aantal activiteiten.

Minder dan 30 activiteiten per werkjaar en per leeftijdscategorie 1 punt
30 of meer activiteiten per werkjaar en per leeftijdscategorie 2 punten

Aanwezigheid van een volwassen begeleid(st)er (VB)

5% van het beschikbare budget voor ‘werkingssubsidies’ wordt verdeeld op basis van het al dan niet betrokken zijn van één of meerdere volwassen begeleid(st)ers bij de werking van jeugdvereniging. 

De betrokkenheid van een VB blijkt uit een uittreksel uit de ledenadministratie. Jeugdverenigingen scoren op basis van dit criterium 0 of 1 punt. Het beschikbare bedrag wordt gedeeld door het totaal aantal punten dat werd gescoord over alle verenigingen heen. Dit geeft als resultaat de waarde van een punt. Vervolgens worden de punten per vereniging opnieuw vermenigvuldigd met deze waarde per punt. Dit geeft als resultaat het subsidiebedrag op basis van de aanwezigheid van een volwassen begeleider.

Er is geen VB 0 punten
Er is minimaal één VB 1 punt

Organiseren van ouderparticipatie en/of huisbezoeken

5% van het beschikbare budget voor ‘werkingssubsidies’ wordt verdeeld op basis van het al dan niet organiseren van ouderparticipatie en/of huisbezoeken.

Als de vereniging per werkjaar minimaal 1 informatieve ouderavond organiseert staat daar 1 punt tegenover. Als de vereniging per werkjaar minimaal 1 ronde van huisbezoeken bij alle leden organiseert staat daar ook één punt tegenover. De activiteiten die in aanmerking komen voor ondersteuning genereren op geen enkele andere wijze inkomsten voor de jeugdvereniging.

Jeugdverenigingen scoren op basis van deze criteria punten. Het beschikbare bedrag wordt gedeeld door het totaal aantal punten dat werd gescoord over alle verenigingen heen. Dit geeft als resultaat de waarde van een punt. Vervolgens worden de punten per vereniging opnieuw vermenigvuldigd met deze waarde per punt. Dit geeft als resultaat het subsidiebedrag op basis van de organisatie van ouderparticipatie en/of huisbezoeken.

Organiseren van 1 infoavond per werkjaar 1 punt
Afleggen van huisbezoeken bij de leden 1 punt

Samenwerking met andere verenigingen of met gemeentelijke activiteiten

10% van het beschikbare budget voor ‘werkingssubsidies’ wordt verdeeld op basis van volgende twee criteria:

  • Jeugdverenigingen die een activiteit organiseren, samen met een andere Pelter vereniging krijgen 1 punt als de activiteit open staat voor een breed publiek (niet alleen voor de leden van de verenigingen). Het moet gaan om een inhoudelijke samenwerking. Enkel praktische samenwerking wordt niet extra gesubsidieerd.
  • Jeugdverenigingen die samenwerken met de gemeente (bv. jeugddienst) aan een gemeentelijke activiteit voor kinderen en/of jongeren krijgen 1 punt.

Punten voor activiteiten met een karakter van samenwerking kunnen slechts worden behaald op voorwaarde dat de activiteit op geen enkele ander wijze inkomsten oplevert voor de vereniging. Het beschikbare bedrag wordt gedeeld door het totaal aantal punten dat werd gescoord over alle verenigingen heen. Dit geeft als resultaat de waarde van een punt. Vervolgens worden de punten per vereniging opnieuw vermenigvuldigd met deze waarde per punt. Dit geeft als resultaat het subsidiebedrag op basis van de activiteiten met een karakter van samenwerking.

Inhoudelijke samenwerking met een andere vereniging of organisatie (inhoudelijk betekent dat beide organisaties samen het project uitwerken van punt a tot z, inhoudelijk is niet gelijk aan een bepaalde taak uitvoeren) 1 punt
Inhoudelijke samenwerking met de gemeente aan een activiteit die openstaat voor alle Peltse kinderen en jongeren en waarvoor op geen enkele wijze inkomsten worden bekomen. 1 punten

Kampvervoer

Naast het bedrag dat verdeeld wordt als ‘werkingssubsidie’ wordt er in het meerjarenplan budget voorzien als tegemoetkoming in het ‘kampvervoer’. De subsidie voor kampvervoer kan aangevraagd worden door Pelter jeugdverenigingen voor het jaarlijks kamp van hun vereniging. De verdeling gebeurt enerzijds via een basisbedrag dat gelijk is voor elke jeugdvereniging die op kamp gaat. Anderzijds wordt er een subsidiebedrag berekend op basis van het aantal kilometers.

Basissubsidie

50% van het budget ‘kampvervoer’ wordt uitgekeerd als basisbedrag. Elke vereniging die op kamp gaat en beroep doet op een externe dienstverlener voor het transporteren van kampmateriaal en/of bagage, krijgt eenzelfde basisbedrag.

Kilometervergoeding

50% van het budget ‘kampvervoer’ wordt uitgekeerd à rato de afstand tussen het eigen jeugdlokaal en de kampplaats. Er wordt maximaal 250 kilometer per kamp in aanmerking genomen als afstand tussen het jeugdlokaal en de kampplaats.

Meerdere kampen per vereniging

Als eenzelfde jeugdvereniging een vervoersubsidie aanvraagt voor meerdere kampen per werkjaar dan wordt het ‘basisbedrag’ voor het tweede en volgende kamp voor 50% toegekend en tot een maximumbedrag van 750 euro per vereniging. De kilometervergoeding voor het tweede en volgende kamp wordt voor 100% toegekend.

Jeugdverenigingen met 1 kamp basissubsidie kampvervoer kilometervergoeding
Jeugdverenigingen met 2 of meerdere kampen basissubsidie voor het eerste kamp aan 100%, vanaf het 2de kamp aan 50% per kamp met en maximumbedrag van 750 euro per vereniging. kilometervergoeding voor elk kamp

Kadervorming

Met dit criterium wordt enerzijds de kwaliteitsbewaking van het jeugdwerk beoogd. Anderzijds is het een persoonlijke vorming voor jongeren die verantwoordelijkheid dragen in het jeugdwerk. Het financieel aspect van de kadervorming mag geen drempel betekenen om deel te nemen.

Budget

Binnen het meerjarenplan wordt jaarlijks een budget voorzien als subsidie voor ‘kadervorming’. Een refertejaar loopt van 1 september tot 31 augustus. Als er op het einde van de referteperiode een resterend saldo is, zal dit bedrag worden toegevoegd aan het aanvangsbudget van de ‘werkingssubsidies’ voor jeugdverenigingen.

Voorwaarden

Een subsidie voor het volgen van een vorming is onderworpen aan de volgende voorwaarden:

  • De begunstigde is een jongere die in Pelt woont en/of actief is in een Pelter jeugdvereniging;
  • De jongere is minimum 15 jaar;
  • De jongere dient de kadervormingscursus met goed gevolg beëindigd te hebben.

Erkende opleidingen

Enkel de attesten behaald in één van deze opleiding komen in aanmerking:

  • De cursus moet georganiseerd zijn door een organisaties die erkend zijn door de Vlaamse overheid om kadervormingstrajecten te organiseren;
  • Het volgen van de cursus moet leiden tot het attest van animator, hoofdanimator of instructeur in het jeugdwerk;

Subsidiëring

100% van het inschrijvingsgeld wordt terugbetaald aan de deelnemer. Verplaatsingskosten en andere extra kosten worden niet gesubsidieerd.

Procedure

De aanvraag moet door de jongere bezorgd worden aan de gemeente vergezeld van volgende gegevens en documenten:

  • Persoonsgegevens van de aanvrager;
  • De contactgegevens van de inrichtende organisatie;
  • De kostprijs, de cursusplaats en de data waarop de lessen plaatsvonden;
  • Een omschrijving van de inhoud;
  • Betalingsbewijs van het inschrijvingsgeld;
  • Rekeningnummer van de aanvrager waarop de subsidie kan gestort worden
  • Kopie van het behaalde getuigschrift of van het behaalde attest

Voor de jongeren die niet in Pelt wonen maar wel actief zijn bij een Pelter jeugdvereniging, wordt contact opgenomen met de gemeente van inschrijving. Blijkt dat er geen gelijkaardige subsidie wordt uitgekeerd door deze gemeente, dan komt deze jongere in aanmerking voor subsidies via dit reglement. Als er in de gemeente van woonst een gelijkaardige subsidieregeling is dan wordt de aanvrager doorverwezen naar zijn gemeente.

Uitbetaling

De uitbetaling door het gemeentebestuur gebeurt via overschrijving op de rekening van de aanvrager (de jongere in kwestie).

9. Uitbetaling

Na goedkeuring wordt de subsidie uitbetaald op het rekeningnummer, vermeld op het aanvraagformulier. De aanvrager verbindt zich ertoe elke wijziging van zijn rekeningnummer onmiddellijk en schriftelijk of per email mee te delen aan de gemeente.

10. Controle

In toepassing van de wet van 14 november 1983, betreffende de toekenning en aanwending van subsidies, is de begunstigde van de subsidie ertoe gehouden:

  • de gemeente toe te laten, voor zover als nodig, de echtheid van de gegevens van de subsidieaanvraag te controleren en hieromtrent inlichtingen in te winnen met alle middelen die zij hieromtrent nodig acht;
  • de subsidie uitsluitend aan te wenden voor het doel waarvoor zij werd toegekend;
  • elke daartoe gemachtigde afgevaardigde van het gemeentebestuur toe te staan om eventueel ter plaatse, de aanwending van de toegekende subsidie te controleren. Bij niet naleving van deze bepalingen, kan het gemeentebestuur overgaan tot de gehele of gedeeltelijke terugvordering van de betrokken subsidie, in het kalenderjaar volgend op de aanvraag. Ook kan ze de toekenning van nieuwe subsidies opschorten voor het nieuwe kalenderjaar.

11. Betwistingen / Beroep

Het college van burgemeester en schepenen regelt alle niet voorziene gevallen, beslist, eventueel na advies van het sectoraal adviesorgaan, bij betwistingen en wordt gemachtigd alle schikkingen te treffen die zich opdringen voor de toepassing en uitvoering van dit reglement.

Betwistingen moeten, binnen één maand na kennisgeving van de beslissing over de toekenning van de subsidie aan de aanvrager, schriftelijk of per mail gericht worden aan het college van burgemeester en schepenen. Tegen beslissingen van het college van burgemeester en schepenen kan een beroep tot vernietiging bij de Raad van State worden ingesteld.

12. Overgangsmaatregel

Conform artikel 351 van het decreet Lokaal Bestuur vervangt dit reglement alle vorige gemeentelijke sectorale subsidiereglementen van de samengevoegde gemeenten Neerpelt en Overpelt.

Om te voorkomen dat er, bij een ongewijzigde werking, significante verschillen ontstaan in de uitgekeerde subsidiebedragen in vergelijking met de toepassing van de voorgaande subsidieregeling , wordt er gedurende 3 kalenderjaren in een overgangsmaatregel voorzien. Deze maatregel houdt in dat op basis van de berekening volgens het voorliggend reglement en rekening houdend met het uitgekeerde bedrag in het referentiejaar 2018 in 2020 maximaal 33% meer of minder wordt uitgekeerd. In 2021 is dat 66% om in 2022 naar de volle 100% te evolueren.

Jaar Maximaal uitkeerbaar bedrag
2020 Maximaal het bedrag dat uitgekeerd werd in 2018 + of – 33%
2021 Maximaal het bedrag dat uitgekeerd werd in 2018 + of – 66%
2022 Maximaal het bedrag dat uitgekeerd werd in 2018 + of – 100%

Deze overgangsregel is van toepassing op de regeling voor gezinsverenigingen, jeugdverenigingen, milieu- en natuurverenigingen, seniorenverenigingen en welzijnsverenigingen. Deze overgangsmaatregel is niet van toepassing op de cultuurverenigingen en de sportverenigingen. Voor deze sectoren zit er een compensatie in tarieven voor de huur van de gemeentelijke accommodatie.

13. Inwerkingtreding

Dit reglement heeft, behoudens vervanging, aanpassing of afschaffing, een onbepaalde duur en treedt in werking op 1 januari 2020 met als start de startdatum van de referteperiode zoals sectoraal bepaald. Dit kan afhankelijk van de sector 1 juli 2019 zijn of 1 september 2019.